Soms heb je van die dagen dat de rails naar links liggen terwijl jij
naar rechts wilt. Zo'n dag leek het vandaag te worden. De Latin Dance
Night was al meer dan een week geleden maar ik lag nog steeds uit mijn
voegen. Omdat het zondag was, had ik de kans om de gemiste tangoles
in te halen. Want voorafgaand aan de tangosalons van Rob en Inez op
zondag is er altijd een open les waarbij elke leerling welkom is. Op
die open lessen dansen alle niveaus door elkaar, van absolute beginners
(AB-ers) tot verschrikkelijk vergevorderden (VVGs) - wat op zichzelf
al een bijzondere ervaring is. De vraag was alleen of ik een man kon
ritselen. Mijn vaste danspartner, de Hogelander, klonk voor de telefoon
niet erg enthousiast - hij was net weer terug uit Groningen, misschien
dat hij later die middag nog naar de salon kwam. Maar de Vriendinbroer
sprong, zo te horen, een gat in de lucht: zijn danspartner was verhinderd
en dus wilde hij graag met mij naar de open les. Al kneep ik hem wel
een beetje want ik had inmiddels al ruim anderhalve week geen tango
meer gedanst. Jaaaa, en toen werd het ineens een hele bijzondere zondag.
Voor alle tangodansers die dit lezen: als je er niet bij was, dan heb
je écht wat gemist!
Er waren veel mensen op de open les, een kleine veertig schat ik. Het
thema was een soort van 'ocho interruptus': een ocho naar voren waarbij
de man de vrouw tegenhoudt door zijn voet 'ervoor' te houden (het heeft
natuurlijk allemaal een prachtige Spaanse naam, maar, net als bij salsa,
gaan die namen bij mij het ene oor in en het andere weer uit - behalve
de medialuna, het halve maantje, het croissantje, maar dat onthoud ik
ook zodat ik t.z.t. in Buenos Aires tenminste een croissant kan kopen
- maar dat allemaal terzijde). Als je als vrouw niet goed volgde en
gewoon lekker je eigen gang ging, knalde je dus tegen die voet of dat
been van de man; net als bij de sandwich (sandwitch?). Ik heb soms het
gevoel dat ik niet op een tangocursus zit maar op een cursus voelen.
Ik heb de hele les mijn voelsprieten zo ver mogelijk uitgestoken in
de hoop dat ik het verschil tussen de normale ocho en de interruptus
zou voelen maar dat is mij niet gelukt. Soms keek ik zelfs gewoon maar
even naar beneden of er niet toevallig een voet in de weg stond. Uiteindelijk
had ik spierpijn in mijn voelsprieten, had ik zelfs leuke mannen tegen
de schenen geschopt (nou ja, ze zijn allemaal eigenlijk wel leuk) en
kon ik alleen nog maar aarzelende ocho's maken.
Het leukste kwam aan het eind. Inez, op overweldigend mooie, hoge open
rode schoenen, kondigde een spelletje aan. Het bleek om een variant
van de stoelendans te gaan. We moesten allemaal gaan dansen en op het
moment dat zij stop! riep, moesten we stil blijven staan,
de man moest zijn ogen dicht doen en de vrouw moest een andere man uitzoeken.
Daarna werd de muziek weer gestart en moest je met je nieuwe danspartner
verder dansen. Ik had verwacht dat er op bepaalde mannen wel een run
zou zijn, zo zijn wij vrouwen wel, maar dat viel mee. Het opmerkelijkste
vond ik nog wel de reactie van de mannen op hun nieuwe danspartner:
de één reageerde enthousiast, de ander onverstoorbaar en weer een ander
schrok zich elk keer weer een hoedje. Rob en Inez en de dj, die inmiddels
was gearriveerd, lachten zich een deuk. Het deed mij denken aan Juan
Carlos die de ruedas tijdens zijn eigen les bewust in de soep
liet lopen en dan aan de kant stond te lachen.
Wat ik ook leuk vond, was dat je nu binnen één, twee nummers de dansstijlen
van drie of vier verschillende mannen kon vergelijken, als bij een vergelijkend
warenonderzoek. De één danste alleen maar figuurtjes (die was, net als
ik, een AB-er), de ander danste als een heftruckchauffeur, hij had zijn
hele lichaam nodig om mij te besturen, de derde zei gewoon wat ik moest
doen (dat was natuurlijk wel zo duidelijk) en de laatste zeilde zo met
mij weg. De sfeer zat er toen in elk geval goed in. Overal stonden mensen
na afloop te lachen en te praten en met elkaar kennis te maken. Het
was net of het ijs was gebroken.
Die vrolijke sfeer bleef ook tijdens de salon hangen. Op een gegeven
moment was de dansvloer bijna leeg omdat iedereen vóór, aan de bar,
stond of zat te kletsen. Voor Rob en Inez was het ondertussen een spannende
middag. Op de heenweg naar Groningen was er iets in de auto
ontploft. Rob had het een en ander vastgezet met plakband (?). Rob
lost altijd alles op met plakband zei Inez, ik kom vanalles
tegen in huis dat met plakband is gerepareerd. Tijdens de salon
was Rob vaak even weg, waarschijnlijk om weer iets aan elkaar te plakken.
Zelfs van het Herenhuys had hij al een rol tape geleend. Met z'n wapperende
shirt leek hij ook wel een beetje op een haastige klusjesman. Tussen
het klussen door danste hij met overgave de tango.
Wat mij in het algemeen bij tangosalons opvalt, is dat er amper beginners
zijn. In Ocho de Mayo, in Plaza Danza, bij de salons van Rob & Inez,
ik heb nog nooit op een salon met een beginner gedanst. Ik dans voornamelijk
met VVG's en vind dat zo langzamerhand zelfs al de normaalste zaak van
de wereld (terwijl het dat natuurlijk niet is!). Het kenmerk van de
ware VVG (ahem) is dat hij elke keer als het mis gaat, iets zegt
in de trant van: Mijn fout, dat had ik duidelijker moeten aangeven
en ik zeg ondertussen al dingen terug als: Ja, dat gaf je niet
echt duidelijk aan(!). Ik begin ook steeds meer de verschillende
persoonlijke dansstijlen te onderscheiden. Sommige mannen leiden heel
dominant, dan kun je vaak ook maar één bepaald ding doen, en zo niet,
dan gaat die arm van hem nog wat verder om je heen en dan sleurt hij
je gewoon door het gewenste figuur heen. Andere mannen improviseren
meer waarbij de dans haast een dialoog wordt. Gisteren danste een man
zó ongelofelijk licht, als een engel. En de vriendinbroer danste zoals
altijd heel geaard en intuïtief, de zachte kracht noemde
Inez hem laatst; van hem kreeg ik alle ruimte. Het is moeilijk om afscheid
te nemen van zo'n geweldige dag, vooral als die zo chagarijnig begon.
Maar nu is 'ie dan toch echt voorbij. Op naar de volgende salon!