Kruispas in Spijkerbroek 02
lezen

Een scheve schaats
zo 19 oktober 2008 - [ Stemming: Amused ]


“Echte tangomannen moet je niet laten salsadansen” zei SalsaFrancoise, en ze klonk heel resoluut. “Ook niet een bolérootje?” probeerde ik nog. Maar volgens Francoise werd dat helemaal niks: “Om goed een boléro te kunnen dansen, moet je goed kunnen salsadansen”. Goed, ik zou dus niet proberen om mijn tangoprins over te halen om salsa te gaan dansen, ik wilde alleen zo graag met hem dansen. Ikzelf wilde best op tangoles, na één tangoles was ik helemaal ‘om’. Alleen heb je voor tangoles een vaste danspartner nodig en die kon ik niet vinden. Ik had een halve week geprobeerd om uit de mannenvijver een tangopartner te vissen. Er zijn in mijn sociale omgeving uiteindelijk zóveel mannen die zeggen dat ze ooit nog eens op tangoles gaan, dat het mij aanvankelijk niet al te moeilijk leek. Maar de telefoonsessie's waren een verschrikking. De één wilde pas over tien jaar, de ander kon niet op woensdag, donderdag of vrijdag, weer een ander wilde niet bij Rob & Inez, de vierde had geen geld, de vijfde vond dat 'ie op dit moment al genoeg danste, de zesde, mijn favoriete salsadanspartner, wilde juist minder dansen, bij een zevende haakte ikzelf af omdat ik mij gelukkig net op tijd herinnerde dat hij niet al te fris rook en twee presteerden het om te zeggen dat ze wél op tangoles wilden maar níet met mij. Zelfs mijn buurman, een charmante, jonge fysiotherapeut met een goddelijk lichaam waar elke vrouw wel een tango mee wil dansen, kon niet want hij had op die avonden zijn buikspiergroepjes.

Mijn laatste hoop was een salsadanser die al tango danste; een grote, lange, rechte man van het Hogeland met benen die bijna tot mijn middel komen. Vijf jaar geleden had hij gevraagd of ik met hem op tangoles ging. Toen vond ik dat een krankzinnige vraag want ik was net begonnen met salsa, dus wat moest ik met tango? Ik kon mij heel goed voorstellen dat hij nu niet veel zin meer had om met een absolute beginner op les te gaan. Daarom belde ik hem als laatste. “Denk er eerst maar eens over na” zei ik, om te voorkomen dat hij direct zou weigeren, “ik zal je niet laten onthoofden als je het niet wilt” (op salsadansers moet je zuinig zijn want voor je het weet is er geen een meer om mee te dansen). Tot mijn grote verrassing wilde hij wél, zodat ik eventjes verbaasd met mijn ogen zat te knipperen. “Tango is wel wat anders dan salsa, hoor” waarschuwde hij nog. Ja, natúúrlijk was tango wat anders dan salsa, dat wist ik toch óók?

Maar het viel allemaal erg tegen, die volgende tangoles. Tango is echt veel moeilijker dan ik dacht en het feit dat ik salsa dans is eerder een nadeel dan een voordeel. Ik voelde mij sowieso onzeker omdat ik gerookte makreel had gegeten en hoe vaak ik daarna ook mijn handen had gewassen, ze bleven naar vis ruiken. Elke keer als ik weer aan mijn handen rook, moest ik denken aan een date lang geleden: Na onze tweede ontmoeting zou hij bij mij thuis komen eten. “Wat lust je graag?” vroeg ik en hij antwoordde, tussen twee zoenen door, dat hij alles luste, vooral mij. Ik maakte een makreelschotel waar maar liefst twee dikke, vette gerookte makrelen ingingen. Mijn handen, de keuken, mijn hele huis rook naar makreel, ik voelde me zelf haast een makreel. Hij luste alles... behalve makreel en at in z'n eentje de saladebak leeg. Zelfs de koffie die we na het eten dronken, smaakte voor mijn gevoel naar makreel. Hij moet het gevoel hebben gehad dat hij in een nest gerookte makrelen was beland met mij als oppermakreel. Ik durfde mijn tangopartner haast niet vast te pakken uit angst dat ik makreelafdrukken op hem zou maken.

De tangoles ging over de tangobeweging: het verplaatsen van je gewicht van de middenvoet naar de voorvoet. En dan moet je op de één of andere manier ook nog een beetje door de knieën. Ik weet nog niet hoe je dat als vrouw moet doen bij het achteruit lopen en het is mij helemaal een raadsel hoe tangovrouwen dat op die fantastisch hoge hakken doen. Tijdens de spiegelsessie stond ik ongelukkigerwijs helemaal vooraan. Ik kon dus heel erg goed zien dat ik niet erg flatteuze kleding aanhad met platte, zéér ongepoetste schoenen (waarmee ik een halve week geleden nog door de zeeklei van het buitendijkse gebied bij Noordpolderzijl struunde - mijn tangoprins deed tussen de zeekraal en de zeeasters tangopassen voor, “je bent eigenlijk alleen maar bezig met lopen” zei hij nog voordat hij bijna uitgleed; schoenenen die mijn tangoprins daarna bij hem thuis heel lief voor mij schoon maakte, “maar thuis moet je ze wel even in de was zetten”... nee dus). Ik keek dus maar heel erg goed naar Inez, ik heb al de neiging om te applaudisseren als ze alleen maar loopt. Inez is echt zo'n balletmeisje. Ik heb niet veel fantastie nodig om mij haar in een tutuutje op de spitzen voor te stellen. Echt zo’n meisje van kanten en strikjes en ruches, zo'n lichtvoetig wezen dat door het leven lijkt te zweven. Rob is onmiskenaar een gaucho, rechtstreeks ingevlogen van de Argentijnse pampa's.

Het voelde ook zó vreemd om tango met een salsadanser te dansen, zó onwerkelijk. Alsof ik vreemd ging. Ik voelde mij een beetje een paard dat bestuurd werd, iets groots en zwaars in elk geval dat door een porseleinkast heen draaft en dat een heel wedgewoodservies in brokken en stukken achter laat. Gelukkig had ik een danspartner die zelfs nog niet zou omrollen als het dak naar beneden kwam. Hij stuurde mij onverstoorbaar de ochootjes in en er weer uit. Eigenlijk was dat wel de grootste ontdekking: dan dans je al meer dan vijf jaar salsa met iemand en dan kom je er heel toevallig achter dat hij meer een tangoman is. Maar voor mij is tango vooralsnog een scheve schaats.

naar de volgende pagina Lees alle blogs of reageer er op, op latinnet.nl >>> (opent in nieuw frame)